Het ontstaan van zen

Het boeddhisme ontstond dus in de persoon van Sidharta Gautama van de Sãkya-clan ca. 5e eeuw v.Chr.  binnen de Indische filosofische geschiedenis.  Rond deze historische Boeddha (= verlicht mens) ontstond een groep volgelingen die na zijn dood zijn inzichten en beoefening verder verspreidden. Er ontstonden verschillende tradities die elk hun eigen klemtoon legden maar de hoofdlijnen van Boeddha’s levensverhaal zijn, net als  de grondbeginselen van zijn leer en inzichten,  grotendeels gelijklopend.

Het boeddhisme verspreidde zich via deze verschillende tradities en in China ontstond een grote affiniteit met het Taoïsme. De boeddhistische teksten werden er verklaard met behulp van taoïstische begrippen wat leidde tot het ontstaan van de Chan-school . De keuze die de eerste taoïstische vertalers van de Indische boeddhistische teksten maakten,  gaan voornamelijk over ademhalingstechnieken en meditatie.

Chan (Chinees) – Zen (Japans) betekent “meditatie” en verwijst naar één van de basiskenmerken van de leer: door meditatie tot inzicht komen … geschriften en afbeeldingen werden als minder belangrijk ervaren. Introspectie is eveneens een belangrijk kenmerk in het taoïsme.

bodhidarma

Volgens de traditie bracht de Indisch-boeddhistische monnik Bodhidharma de leer rond 520 naar China.

De verdere overdracht van deze traditie gebeurde vrij rechtlijnig tot  in de 8ste eeuw meningsverschillen leidden tot een opdeling in twee grote scholen : Rinzai-zen en Soto-Zen.

Rinzai-Zen werd door de monnik Eisai in de 12e eeuw binnengebracht in Japan. De Rinzai-zenmeester probeert door het opgeven van instructieve raadsels (koan’s) de leerling inzicht in zichzelf te verschaffen. De raadsels kunnen niet rationeel worden opgelost en brengen de traditioneel rationeel werkende geest uit balans. Een andere werking van de geest wordt hierbij gestimuleerd. Een beroemd voorbeeld van een dergelijke koan is : “Wat is het geluid van één hand”. De “koan” is het meest Chinese element in zen.

De Soto-Zen  werd door de monnik Dõgen in de 13e eeuw in Japan  binnengebracht. In Soto-zen vormt zitmeditatie (zazen) de kern. Het gehele leven en alles wat dagdagelijks gebeurt, wordt beschouwd als één grote Koan. Het antwoord daarop is evenmin puur rationeel te geven. Zazen (enkel “zitten” = shikan taza) is dé beoefening. Door enkel stil te zitten, wordt na verloop van tijd, een ander functioneren dan het louter rationele, van het menselijk brein mogelijk.

dogenkigen

Dogen’ s praktijk werd in sterke mate gevoed door de “Lotus-sutra”, die hij ervaarde als de basis van alle andere sutra’s. Daarnaast had hij ook een grote verering voor de “drie juwelen”:  Boeddha als historische leraar, de Dharma (de leer) en de Sangha als een groep van behulpzame partners op “de weg”.

Hij is de auteur van o.a. de “Shobogenzo” en de “Fukanzazengi”, beide meesterstukken in de Boeddhistische literatuur. Dogen trok zich in 1243 terug op het platteland waar de beroemde  “Eiheiji” (“tempel van de eeuwige vrede”) ontstond.

“De weg bestuderen is jezelf bestuderen.

Jezelf bestuderen is jezelf vergeten.

Jezelf vergeten is één worden met alle verschijnselen.”

De Westerse wereld kreeg sinds de 19e eeuw (link met de koloniale mogendheden) veel aandacht voor het boeddhisme. Vooral de filosofie en de meditatieoefeningen uit het boeddhisme trokken de aandacht. Zen werd onthaald als één van de meest succesvolle scholen naast het Tibetaans- en het theravada boeddhisme.

De eerste keer dat Zen in het westen bekend raakte, was bij gelegenheid van het “World’s Parliament of Religions” in Chicago in 1893. Zen werd hier vertegenwoordigd door de Rinzai-monnik Kogaku Soen, de meester van de later  in het Westen bekend geworden zenmeester D.T. Suzuki. Suzuki kreeg nadien van hem de opdracht om Zen begrijpelijk in het Westen te introduceren.

Ook Europa kwam via Japanse leraren in contact met de zenpraktijk: Taisen Deshimaru stond zo aan de wieg van onze sangha (zie verder).

Voor een uitgebreide historische duiding van het Zen-boeddhisme verwijzen we naar het onderzoekswerk van professor filosofie en theologie Heinrich Dumoulin.

De meditatie zoals die in onze dojo wordt beoefend is geworteld in de Soto-zen, maar beperkt zich niet noodzakelijk alleen daartoe.

suzuki

2011-07-12T15:42:56+00:00 Categories: geschiedenis sangha|